Christian Dietz, tenor

De Duitse tenor Christian Dietz begon zijn muziekopleiding aan de Musikschule Weinheim, waar hij zijn eerste piano- en vioollessen kreeg en als solist debuteerde bij de Weinheimer Sängerknaben. Hij studeerde operazang en historische uitvoeringspraktijk aan de Staatliche Hochschule für Musik und Darstellende Musik in Frankfurt am Main.

Christian Dietz werkte in producties en concerten samen met de dirigenten Renè Jacobs, Gerd Albrecht, Paolo Carignani, Julia Jones, Kazushi Ono, Toshiyuki Kamioka und Peter Falk, alsook met de regisseurs Christof Loy, Christof Nel, Udo Samel, Claus Guth, David Hermann, Barry Kosky und Rosamund Gilmore. In Duitsland trad hij op met de Akademie für Alte Musik Berlin, La stagione Frankfurt, de Batzdorfer Hofkapelle, La Beata Olanda consort Freiburg, het Frankfurter Museumsorchester, de Staatsphilharmonie Rheinland Pfalz, het SWR Rundfunkorchester Kaiserslautern en Concerto Saarbrücken.

Christian Dietz volgde masterclasses bij Helmut Deutsch, Wolfgang Schöne en Ann Monoyos
Hij zong Belmonte/Pedrillo in ‘Die Entführung aus dem Serail’ (Mozart), Fracasso in ‘La finta semplice’ (Mozart), Acis in ‘Acis und Galatea’ van Händel, Mezenzio in ‘Ascanio’ van Lotti, Aeneas in ‘Dido und Aeneas’ van Purcell, Bertrando in ‘L’inganno felice’ van Rossini en Kunz Vogelsang in ‘Die Meistersingern von Nürnberg’ van Wagner. Hij trad op in de Staatsoper Berlin, de Dresdner Semperoper, de Oper en de Alte Oper Frankfurt, het Badisches Staatstheater Karlsruhe, het Innsbrucker Landestheater en Staatstheater Wiesbaden, het Pfalztheater Kaiserslautern en het Markgräfliche Theater Bayreuth.

Tot zijn repertoire horen liederencycli van Schubert, Schumann, Dvoràk en Schostakowitsch.